Ov-boa’s moeten sneller de identiteit van overtreders kunnen vaststellen, zonder steeds op politie ter plaatse te hoeven wachten. BOA ACP roept het ministerie daarom op de Rotterdamse aanpak bij de RET zo snel mogelijk landelijk in te voeren. Daarnaast wil de bond dat alle betrokken provinciebesturen achter de nieuwe afspraken over sociale veiligheid in het openbaar vervoer staan en zelf meetekenen.

Een reiziger begaat een overtreding, maar heeft geen identiteitsbewijs bij zich. De boa vraagt om persoonsgegevens, maar kan niet vaststellen of die kloppen. Dan is vaak hulp van de politie nodig. Het wachten kan lang duren en vergroot de kans op spanning, agressie en geweld. Bovendien zijn agenten daardoor minder beschikbaar voor ander werk.

BOA ACP wil dat ov-boa’s betere mogelijkheden krijgen om zelf de identiteit van een overtreder vast te stellen. Volgens voorzitter Richard Gerrits laat de Rotterdamse aanpak zien hoeveel verschil een snellere controle kan maken.

Minder wachten op politie

In Rotterdam werken RET-boa’s samen met het Real-time Intelligence Centre (RTIC) van de politie. Via deze samenwerking kunnen zij op afstand de identiteit van een staande gehouden persoon laten controleren. De politie hoeft daarvoor dan niet steeds naar de boa toe te komen.

De RET beschreef deze werkwijze al in het jaarverslag over 2021. Daarin staat dat de samenwerking met de politie vanaf 2020 geleidelijk werd uitgebreid, zodat beide organisaties hun medewerkers beter konden inzetten.

In het jaarverslag over 2025 meldt de RET dat bij deze werkwijze in bijna negen van de tien gevallen de identiteit kon worden vastgesteld zonder dat de politie ter plaatse hoefde te komen. Volgens de vervoerder bespaart de samenwerking jaarlijks ongeveer 14.000 politie-uren en 8.500 boa-uren. Ook vermindert de aanpak volgens de RET het risico op escalatie.

Voor BOA ACP zijn dat duidelijke redenen om de aanpak ook voor ov-boa’s in de rest van Nederland mogelijk te maken. Minder wachten helpt hen om een overtreding sneller af te handelen en verkleint de kans dat een situatie uit de hand loopt.

Gerrits: provincies moeten zelf meetekenen

De vakbonden willen voor de ondertekening van het nieuwe convenant sociale veiligheid in het openbaar vervoer duidelijkheid: ondersteunen alle betrokken provinciebesturen de afspraken en tekenen zij zelf officieel mee?

De bonden hebben concessies gedaan om samen tot afspraken te komen, benadrukt voorzitter Richard Gerrits. Zij vinden het niet voldoende als alleen een organisatie namens de provincies tekent. Ook de betrokken provinciebesturen moeten zelf achter de afspraken staan en meetekenen. De bonden hebben hierover om opheldering gevraagd.

Maak de aanpak landelijk mogelijk

De bond wil duidelijkheid over wanneer de aanpak ook buiten Rotterdam beschikbaar komt en welke mogelijkheden boa’s daarbij krijgen. Zij moeten tijdens hun werk kunnen rekenen op de informatie en ondersteuning die nodig zijn om veilig op te treden.